Op pensioengebied heeft 2017 voor veel werkgevers met name in het teken gestaan van aanpassing van de regelingen aan de verhoogde pensioenrichtleeftijd per 1 januari 2018. In 2018 zal qua regelgeving veel worden gesproken over meer ingrijpende wijzigingen, namelijk de algehele aanpassing van het pensioenstelsel - maar de daadwerkelijke aanpassing zal pas over enige jaren aan de orde zijn. Willis Towers Watson onderscheidt drie thema's die in 2018 op de pensioenagenda kunnen of moeten staan:

  • Werknemers krijgen meer keuzemogelijkheden
  • Meer aandacht voor pensioengevolgen bij fusies en overnames
  • Vrijgestelde regeling moet aantoonbaar nog steeds vergelijkbaar of beter zijn
Experts Carolina Vermeulen en Willem Eikelboom gaan in op deze thema's.

Meer keuzevrijheid

De behoefte aan keuzevrijheid neemt toe. Het nieuwe pensioenstelsel dat het kabinet voor ogen heeft zal daarop beter toegesneden zijn dan het huidige, maar ook binnen het huidige stelsel kunnen werkgevers al ruimte bieden aan keuzevrijheden, en zij doen er in onze ogen goed aan dat te overwegen. 'De verschillen tussen werknemers worden groter. Aan de ene kant heb je jongeren die gewend zijn aan flexibiliteit en keuzevrijheid. Aan de andere kant ouderen die langer blijven doorwerken', zegt Carolina Vermeulen. 'De gewenste keuzevrijheid gaat verder dan kiezen tussen een paar fiscale opties zoals begin deze eeuw.'

Werkgevers die willen inspelen op dit soort trends moeten een visie hebben op hun personeelsbeleid. Vermeulen: 'Ze moeten zicht hebben op het soort mensen dat ze in de toekomst nodig hebben. Dat bepaalt bijvoorbeeld het scholingsbeleid en de invulling van het duurzame inzetbaarheidsbeleid.'

De overgang naar een meer individuele regeling (zoals beschikbare premieregelingen ofwel DC) betekent enerzijds dat werkgevers de pensioenregeling op afstand zetten. Anderzijds krijgen werknemers bij zo'n regeling meer keuzemogelijkheden. Bij het maken van keuzes hebben ze vaak behoefte aan ondersteuning. 'Dat raakt de zorgplicht van werkgevers', zegt Vermeulen. 'Ze willen werknemers helpen goed geïnformeerde beslissingen te nemen, maar worstelen ook met de vraag hoe ze dat mogelijk moeten maken. Sommige laten het over aan de uitvoerder en bij andere werkgevers is dit een taak van de hr-afdeling. Er zijn ook werkgevers die de hulp inroepen van onafhankelijke financiële planners.'

Uit onderzoek van Willis Towers Watson blijkt dat werkgevers zich afvragen of hun werknemers voldoende toegerust zijn voor de toenemende keuzevrijheid. Mede daarom zien zij een rol voor zichzelf weggelegd, bijvoorbeeld in de vorm van het aanbieden van een goede keuze-architectuur, ondersteunen van financiële planning en het inrichten van goede maatwerkoplossingen.

'Bij de overgang van een DB- naar een DC-regeling is een adviesgesprek met een financieel planner inmiddels de standaard geworden', zegt Eikelboom. 'Een paar jaar geleden was dat nog vrij uitzonderlijk. Nu zien we dat bij veel bedrijven. Werkgevers zien in dat je pas goede beslissingen over pensioenzaken kunt nemen als je overzicht hebt over je financiële situatie. Een financieel adviseur let ook op zaken zoals de hypotheek en spaargeld.'

Een voorbeeld van de nieuwe mogelijkheden is de invoering van de wet verbeterde premieregeling. 'Hierdoor krijgen deelnemers van een beschikbare premieregeling de mogelijkheid na hun pensionering door te beleggen', zegt Eikelboom. 'Of dat verstandig is hangt af van de persoonlijke situatie en de risicobereidheid.'

Let op pensioengevolgen bij fusies en overnames

Bij fusies en overnames zijn pensioenregelingen vaak een onderbelicht onderwerp. 'Soms worden op een hoog niveau allerlei zaken over de pensioenen afgesproken die je in de Nederlandse context niet zomaar kunt doorvoeren', stelt Eikelboom. 'Een Amerikaans bedrijf wil bijvoorbeeld een Nederlandse onderneming overnemen en bij die firma een beschikbare premieregeling invoeren zoals bij alle andere internationale vestigingen van de overnemende partij. Het Amerikaanse bedrijf wil immers geen pensioenverplichtingen op de balans. Bij de bepaling van de overnameprijs is bovendien rekening gehouden met de omzetting naar een beschikbare premieregeling. In Nederland heeft de omzetting naar een beschikbare premieregeling nogal wat voeten in de aarde. Zo moet er overeenstemming zijn met OR of bonden. Hierdoor neemt de overgang naar beschikbare premie meer tijd in beslag dan verwacht', waarschuwt Eikelboom. Daarnaast kan een overname invloed hebben op een eventuele verplichtstelling.

'Ook bij splitsing van bedrijven met een eigen ondernemingspensioenfonds moeten betrokken partijen zich tijdig verdiepen in de pensioenconsequenties', aldus Eikelboom. 'De afgelopen jaren hebben we veel advies gegeven over dit onderwerp. Als beide ondernemingen bij het fonds blijven, is het de vraag welk bedrijf het voor het zeggen heeft bij het fonds. Bij een splitsing van de pensioenen moet worden besloten of de oude rechten bij het fonds blijven of ook overgaan naar een andere uitvoerder.'

Hoewel de meeste overnames internationaal worden beklonken, hebben overnames grote impact op de lokale arbeidsvoorwaarden. Naast pensioenen geldt dit bijvoorbeeld ook voor harmonisatie van de arbeidsvoorwaarden, harmoniseren van de verzekeringsportefeuilles en vraagstukken gerelateerd aan eigen risicodragerschap.

Toon aan dat een vrijgestelde regeling nog steeds vergelijkbaar is

In 2018 worden pensioenregelingen aangepast aan de verhoging van de pensioenrichtleeftijd naar 68 jaar. Dat heeft gevolgen voor bedrijven die dispensatie hebben gekregen van een bedrijfstakpensioenfonds. 'Zodra een regeling wordt gewijzigd, moet een werkgever met dispensatie ervoor zorgen dat zijn vrijgestelde regeling nog steeds vergelijkbaar of beter is dan de regeling in de sector', zegt Vermeulen. 'Het bedrijfstakpensioenfonds kan namelijk vragen om de gelijkwaardigheidstoets opnieuw uit te voeren.'

Doorgaans zullen bedrijfstakpensioenfondsen vrijgestelde bedrijven benaderen om dit aan te tonen. 'Dit is geen onderwerp dat bovenaan de agenda staat van werkgevers. Toch is het van belang hier rekening mee te houden. Soms kan het lastig zijn aan te tonen dat de regeling nog steeds vergelijkbaar is. Dat geldt bijvoorbeeld bij een dc-regeling. Door de gedaalde rente is het mogelijk dat zo'n regeling minder goed uit de bus komt dan vijf jaar geleden.' Complicerende factor kan zijn dat er geen eenduidig kader is voor de beoordeling van de gelijkwaardigheid.

Eikelboom verwacht dat het aantal bedrijven dat zich wil losmaken van bedrijfstakregelingen in de toekomst toeneemt.'De reden is bijvoorbeeld dat de aard van de werkzaamheden is veranderd waardoor andere medewerkers nodig zijn. Stel dat je meer it'ers nodig hebt dan wil je ook kunnen concurreren op de arbeidsvoorwaarden die gangbaar zijn bij andere ict-bedrijven.'

Gevolg van een wijziging van de aard van werkzaamheden kan overigens ook zijn dat een bedrijf daardoor onder een bestaande verplichtstelling komt te vallen. Wordt dat niet tijdig gesignaleerd, dan kunnen de gevolgen daarvan verstrekkend zijn.

Vooruit

Willis Towers Watson staat werkgevers ook in 2018 graag opnieuw bij met alle pensioenvraagstukken. Behalve over vraagstukken op de kortere termijn, zoals de drie besproken thema's, kijken wij ook graag verder met u vooruit.